Groene specht ( Picus viridis )

 

De groene specht is onmiskenbaar door zijn knalrode kruin en zwart masker.

Ze verraadt haar aanwezigheid vooral door haar lachende roep.

Het mannetje heeft een rode snorstreep en het vrouwtje heeft een zwarte snorstreep.

Ze hebben een knalrode kruin, zwart masker , groene bovendelen met gelige stuit (vooral in vlucht goed zichtbaar).

De onderbuik is grijsgroen.

De groene specht eet vooral mieren.

Restanten in de uitwerpselen wijzen uit dat rode bosmieren hun favoriete hap zijn.

Ze zoekt haar voedsel bijna uitsluitend op de grond.

De groene specht vind je vooral in open loofbossen en kleinschalig landbouwgebied met hoogstamboomgaarden, populierenrijen en oude houtsingels.

Ook grote tuinen in een bosrijke gebieden krijgen regelmatig een groene specht op bezoek.

De groene specht maakt gebruik van nestholtes in bomen.

Het uithakken van een nestholte duurt gemiddeld 15 - 30 dagen.

Zowel het mannetje als het vrouwtje maken de nestholte broedklaar.

Hetzelfde hol wordt soms meerdere jaren na elkaar gebruikt.

In de nestholte worden de eieren gewoon op het hout gelegd; de groene specht bekleedt het nest dus niet met mos of veren.

Zowel het mannetje als het vrouwtje broeden de (gemiddeld vijf à zeven) eieren uit.

Ze wisselen elkaar om de 90 tot 150 minuten af. 

Na 17 tot 19 dagen, pikken de jongen uit.

Ze worden gevoerd met een speciale vloeibare brij, op basis van insecten die door de ouders in de krop worden bewaard.

De groene specht verraadt haar aanwezigheid doorgaans door haar lachende roep.

Vaak roept ze ook in vlucht.

Hoor je haar lach, kijk dan goed om je heen naar een vogel met een sterk golvende vlucht.

De groene specht heeft een erg lange tong die tot 10 cm buiten de snavelpunt kan worden uitgestoken.

Het uiteinde van de tong vormt een plat en verbreed orgaan met haakvormige uitsteeksels en kan onafhankelijk worden bewogen.

De grote, uit twee delen bestaande speekselklier produceert een stof die de tong kleverig houdt.

De groene specht gebruikt haar tong net als een miereneter om larven en cocons van mieren uit hun nest op te likken.