Sikkelsprinkhaan ( Phaneroptera falcata )

 

De sikkelsprinkhaan is een soort die pas recent uit Frankrijk Vlaanderen koloniseerde.

Door de klimaatverandering kan hij nu ook bij ons overleven.

De sikkelsprinkhaan is geen exoot, maar wel een relatieve nieuwkomer.

Het is een soort die opvalt door z'n vlinderachtige vlucht.

Zijn geluid is een (vrijwel) onhoorbaar, zacht tikken dat hij vooral 's avonds en 's nachts produceert.

Maar met een batdetector kan je de sikkelsprinkhaan wel goed horen.

Het is een groene sprinkhaan met kleine donkere stippels en lange dunne poten.

Hij heeft achtervleugels die achter de voorvleugels uitsteken. Dat is uniek.

Smalle vleugels ten opzichte van andere grote groene sprinkhanen.

Brede, bleekgroene achtervleugels die in de vlucht opvallen.

Hij vliegt vaak enkele seconden, en komt enkele meters ver.

Je ziet de sikkelsprinkhaan vooral in droge biotopen zoals kalkgraslanden, heidevelden, droge weiden met struikgewas, bermen, kapvlakten, steenkoolterrils, verlaten akkers en ruigtekruidenvegetaties.

De soort zit in stevige kruiden, struiken en kleine boompjes, op de bladeren en de takken.

Sikkelsprinkhaanmannen brengen een zogenaamde spermatofoor (spermapakketje) over op het vrouwtje.

Dat bestaat uit een ampul met sperma en de spermatofylax, een geleiachtige massa die rijk is aan eiwit.

Als het mannetje dit pakket bij de legboor van het vrouwtje heeft afgezet, steekt ze haar kop tussen de poten en eet ze de spermatofylax op. Terwijl ze aan het eten is, vindt de bevruchting plaats.

Wanneer het mannetje royaal is met zijn bruidsgift, zal het vrouwtje langer bezig zijn met eten en worden er meer eitjes bevrucht.

Het opeten van de spermatofylax kan wel drie kwartier duren. 

Als die op is, eet het vrouwtje de, inmiddels lege, ampul op.

Als ze niks anders te eten heeft, begint ze daar te snel aan en gaat kostbare sperma verloren.

Maar het verhaal heeft nog een vervolg.

Sabelsprinkhaanmannetjes zijn vrij berekenend bij het produceren van die bruidsgiften.

Als er veel vrouwtjes zijn, maken de mannetjes een 'geschenk' dat net groot genoeg is om het sperma succesvol over te brengen.

Zo kunnen ze veel vrouwtjes bevruchten in relatief korte tijd met minder energie.

Zijn de vrouwtjes schaars, dan wordt alles op alles gezet om die vrouwtjes te bevruchten en kunnen de pakketjes wel twee keer zo groot zijn.